CE Mailvisie december 2009
In dit nummer:
- Slim gebruik koude en warmte LNG-terminal Eemshaven
- Grenzen aan groene belastingen?
- Verbetering gemeentelijk toezicht bij energiebesparing bedrijven
- Levenscyclus LED-lamp onderzocht
- Emissies op het spoor
- Advisering over energie-efficiency petroleumketen
- Prijsgevoeligheid van Europees wegtransport
- Warmte in Zuid-Holland
- Beleidsgame Biomadness
- Website over walstroom
- CE Delft zoekt personeel
Slim gebruik koude en warmte LNG-terminal Eemshaven
In de Eemshaven staan grootschalige investeringen gepland in de energiesector, o.a. in een LNG-terminal, waar aardgas wordt opgeslagen bij een zeer lage temperatuur (-163 °C). CE Delft heeft voor SenterNovem onderzocht wat de mogelijkheden zijn om deze koude nuttig te gebruiken in kolencentrales en in CO2-opslag. Uit het onderzoek blijkt dat een besparing mogelijk is van ca. 170 GWh, ofwel het elektriciteitsgebruik van ca. 45.000 huishoudens. Dit levert milieuwinst en forse kostenbesparingen op. Hier staat echter substantiële investeringen tegenover. Deze opties zijn recent besproken met alle betrokken partijen in een door stichting Energy Valley en de Provincie Groningen georganiseerde workshop. Er blijkt een duidelijke intentie om in toekomstige beslissingen rekening te houden met deze mogelijke integratie van koude- en warmteprocessen. Meer informatie? Ab de Buck of Harry Croezen, 015 – 2150 150.

Grenzen aan groene belastingen?
Aan CE Delft, is gevraagd een visie te geven op mogelijkheden en grenzen van 
een verdere vergroening van het Nederlandse belastingstelsel. In de studie wordt de vraag beantwoord of het huidige aandeel van groene belasting (13%) in de toekomst kan stijgen naar 20%, waardoor milieu een stevige prijs krijgt. Tevens wordt de vraag beantwoord welke nieuwe groene grondslagen in aanmerking komen voor toekomstige belastinginning. De visie kan dienen als bouwsteen voor een essay dat Bernard ter Haar, Directeur Generaal Milieu van VROM, zal inbrengen in de Studiecommissie Belastingstelsel. Deze studiecommissie - bestaande uit wetenschappers en adviseurs - buigt zich over de toekomstbestendigheid van het Nederlandse belastingstelsel.
De laatste grote belastingherziening dateert uit 2001. Naar verwachting zal de visie als zelfstandig rapport gepubliceerd worden (tweede kwartaal 2010).
Meer informatie? Martijn Blom, 015 – 2150 150.


een verdere vergroening van het Nederlandse belastingstelsel. In de studie wordt de vraag beantwoord of het huidige aandeel van groene belasting (13%) in de toekomst kan stijgen naar 20%, waardoor milieu een stevige prijs krijgt. Tevens wordt de vraag beantwoord welke nieuwe groene grondslagen in aanmerking komen voor toekomstige belastinginning. De visie kan dienen als bouwsteen voor een essay dat Bernard ter Haar, Directeur Generaal Milieu van VROM, zal inbrengen in de Studiecommissie Belastingstelsel. Deze studiecommissie - bestaande uit wetenschappers en adviseurs - buigt zich over de toekomstbestendigheid van het Nederlandse belastingstelsel.
De laatste grote belastingherziening dateert uit 2001. Naar verwachting zal de visie als zelfstandig rapport gepubliceerd worden (tweede kwartaal 2010).
Meer informatie? Martijn Blom, 015 – 2150 150.

Verbetering gemeentelijk toezicht bij energiebesparing bedrijven
De Wet milieubeheer (Wm) verplicht bedrijven om energiebesparende maatregelen te nemen die zich binnen 5 jaar terugverdienen. MKB-bedrijven, scholen en zorginstellingen kunnen naar schatting nog 20-30% besparen, ca. 3-4 Mton CO2 voor heel Nederland.
Rijk en gemeenten hebben in het Klimaatakkoord afgesproken dat gemeenten hun toezichthoudende taak op dit gebied gaan intensiveren. Speciale aandacht gaat daarbij uit naar bedrijven die vallen in een sector waarvoor een vrijwillige afspraak (MJA) is afgesloten, maar die daar nog niet aan deelnemen. De VROM Inspectie en CE Delft bezoeken dertig gemeenten, bespreken beleid en uitvoering en beoordelen dossiers. Vervolgens krijgen gemeenten en Rijk praktisch inzicht in de huidige uitvoering èn in mogelijkheden de uitvoering effectiever te maken.
Meer informatie? Ab de Buck of Lonneke Wielders, 015 – 2150 150.
Rijk en gemeenten hebben in het Klimaatakkoord afgesproken dat gemeenten hun toezichthoudende taak op dit gebied gaan intensiveren. Speciale aandacht gaat daarbij uit naar bedrijven die vallen in een sector waarvoor een vrijwillige afspraak (MJA) is afgesloten, maar die daar nog niet aan deelnemen. De VROM Inspectie en CE Delft bezoeken dertig gemeenten, bespreken beleid en uitvoering en beoordelen dossiers. Vervolgens krijgen gemeenten en Rijk praktisch inzicht in de huidige uitvoering èn in mogelijkheden de uitvoering effectiever te maken.
Meer informatie? Ab de Buck of Lonneke Wielders, 015 – 2150 150.

Levenscyclus LED-lamp onderzocht
CE Delft heeft voor Lemnis Lighting een vervolgonderzoek gedaan naar een nieuw model LED-lamp, die een lichtopbrengst heeft die gelijk is aan een 60 Watt gloeilamp of een spaarlamp van 12-13 Watt. Voor een volledige vergelijking heeft CE Delft een globale levenscyclus analyse (LCA) gemaakt. Daarbij is gekeken naar de milieubelasting van de elektriciteit die de lamp gebruikt (hoe zuiniger de lamp, des te minder de milieubelasting). Maar er is ook gekeken naar de milieubelasting van de grondstofwinning, het omzetten van grondstoffen in materialen als glas, metalen en kunststoffen en het assembleren van de onderdelen tot een complete lamp. En aan het eind van de keten is ook gelet op de afvalverwerking van de afgedankte lamp.Uit het onderzoek blijkt dat het elektriciteitsgebruik voor bijna 90% bijdraagt aan de milieubelasting, veel meer dus dan de maak- en afvalfase. Door de lange levensduur en het lage energiegebruik is de LED-lamp twee keer minder milieubelastend dan een spaarlamp, en tien keer minder belastend dan een gloeilamp.
Meer informatie? Harry Croezen of Femke de Jong, 015 - 2150 150.

Emissies op het spoor
De luchtkwaliteit in Nederland moet voldoen aan Europese normen. Om dit te toetsen staan niet overal in Nederland meetposten, maar wordt de luchtkwaliteit gemodelleerd aan de hand van gegevens als verkeersintensiteit en emissiefactoren van voertuigen. 
Bij het modelleren van de luchtkwaliteit bij spoortunnelmonden liepen modelleurs echter tegen een probleem aan. Voor dieseltreinen zijn namelijk veel, totaal verschillende emissiefactoren beschikbaar. Rijkswaterstaat-DVS heeft CE Delft gevraagd inzicht te geven in de emissiefactoren. In het project ‘Emissies op het spoor’ wordt onderzocht waar verschillen in emissiefactoren vandaan komen. Daarnaast wordt getracht te komen tot een voorlopige, werkbare set emissiefactoren voor dieseltreinen. Omdat CE Delft al eerder (in STREAM) uitgebreid is ingegaan op emissiefactoren voor het spoor sluit deze opdracht daar goed bij aan.
Meer informatie? Femke Brouwer, 015 – 2150 150.


Bij het modelleren van de luchtkwaliteit bij spoortunnelmonden liepen modelleurs echter tegen een probleem aan. Voor dieseltreinen zijn namelijk veel, totaal verschillende emissiefactoren beschikbaar. Rijkswaterstaat-DVS heeft CE Delft gevraagd inzicht te geven in de emissiefactoren. In het project ‘Emissies op het spoor’ wordt onderzocht waar verschillen in emissiefactoren vandaan komen. Daarnaast wordt getracht te komen tot een voorlopige, werkbare set emissiefactoren voor dieseltreinen. Omdat CE Delft al eerder (in STREAM) uitgebreid is ingegaan op emissiefactoren voor het spoor sluit deze opdracht daar goed bij aan.
Meer informatie? Femke Brouwer, 015 – 2150 150.

Advisering over energie-efficiency petroleumketen
Onderzoek de mogelijkheden om de energie-efficiency in opslag, transport en overslag (de brandstofketen) van petroleumproducten buiten de olieraffinaderijen te verbeteren. Dat heeft de Vereniging Nederlandse Petroleum Industrie (VNPI) aan CE Delft gevraagd. Van mogelijke maatregelen zullen behalve energiebesparing en CO2-reductie ook kosten en mogelijke organisatorische en andere belemmeringen in kaart worden gebracht. Het onderzoek komt voort uit de Meerjarenafspraak Energie Efficiency (MEE), die de rijks-overheid en de VNPI in oktober ondertekend hebben. Daarin is afgesproken dat bedrijven een energie-efficiencyplan opstellen en uitvoeren. CE Delft heeft eerder ketenanalyses uitgevoerd voor bier, zuivel, koffie, tapijt, en kunststoffen.Meer informatie? Bettina Kampman, 015 – 2150 150 of kampman@ce.nl

Prijsgevoeligheid van Europees wegtransport
Deze studie moet meer inzicht geven in de wijze waarop vervoerders en verladers reageren op veranderingen in transportprijzen en de gevolgen voor de omvang van het goederenvervoer over de weg. De informatie helpt beleidsmakers bij het in kaart brengen van de effecten van mogelijke (prijs)instrumenten voor het wegtransport. Het inzicht in de prijsgevoeligheid van het Europese wegtransport wordt in de studie op twee manieren verkregen. Allereerst wordt er een uitgebreide literatuurstudie gedaan naar de prijselasticiteiten voor het goederenwegvervoer. Daarnaast worden de effecten van bestaande Europese (prijs)instrumenten voor het wegtransport in kaart gebracht, zoals de kilometerheffing voor vrachtauto’s in Duitsland, Oostenrijk en Tsjechië. CE Delft voert het onderzoek uit in samenwerking met Significance, in opdracht van Transport en Environment (T&E).
Meer informatie? Arno Schroten, 015 – 2150 150 of schroten@ce.nl

Warmte in Zuid-Holland
De Provincie Zuid-Holland werkt aan een structurele benadering van warmte-initiatieven in de provincie, samen met het nog relatief nieuwe netwerk KISSZ (kennis in synergie voor een sustainable Zuid-Holland) dat vooral kennisinstellingen en gemeenten omvat. Voor KISSZ, de provincie en de betrokken partijen werkt CE Delft op dit moment aan een warmtevisie Zuid-Holland. Aanhakend op de visie en vanuit de actuele projecten wordt ook een overzicht opgesteld van pregnante kennisvragen. Samen met de KISSZ-partijen wordt bekeken wat dit betekent voor de kennisagenda, voor het kennisaanbod en voor nieuwe kennis(ontwikkelings)coalities. De resultaten worden gepresenteerd op een grote KISSZ-bijeenkomst in februari 2010.
Meer informatie? Jos Benner 015 – 2150 150.
Meer informatie? Jos Benner 015 – 2150 150.

Beleidsgame Biomadness
CE Delft doet steeds meer onderzoek naar de spanning tussen landgebruik voor energie (biomassa), houtproductie, voedsel of natuur. Normaal leggen wij dat vast in rapporten en notities, maar om deze ingewikkelde kwestie ook concreet te kunnen ervaren hebben we, samen met de TU Delft, de game Biomadness ontwikkeld. In dit spel maken 5 à 10 spelers keuzes in de wereld van energie, voedsel en natuur. Vijf teams zijn de baas over de continenten en hebben als uitdaging om hun bevolking te voorzien van voedsel, energie, natuur en welvaart. Daarvoor kan er gehandeld worden met andere continenten in biomassa, voedsel en emissierechten en kan het beschikbare vruchtbare land verschillend worden ingezet. Het spel geeft na 1,5 uur spelen een interessante ervaring hoe het is om keuzes te maken in het spanningsveld van voedsel, energie en natuur. Daarnaast geven alle spelers aan dat het ook gewoon leuk is om het spel te spelen.
Het spel Biomadness is vanaf nu beschikbaar om gespeeld te worden, ook bij uw organisatie. CE Delft verzorgt voor een beperkte vergoeding de instructie, spelbegeleiding en de evaluatie. Biomadness is interessant voor iedereen die te maken heeft met energie, voedsel en klimaatvraagstukken.
Meer informatie? Geert Bergsma, 015 – 2150 150.

Het spel Biomadness is vanaf nu beschikbaar om gespeeld te worden, ook bij uw organisatie. CE Delft verzorgt voor een beperkte vergoeding de instructie, spelbegeleiding en de evaluatie. Biomadness is interessant voor iedereen die te maken heeft met energie, voedsel en klimaatvraagstukken.
Meer informatie? Geert Bergsma, 015 – 2150 150.

Website over walstroom
In opdracht van het World Port Climate Initiative ontwikkelt CE Delft in samenwerking met Dirigo Communicatie een website over walstroom voor zeeschepen. Met walstroom (elektriciteit vanaf de wal) hoeven aangemeerde schepen hun hulpmotoren niet aan te zetten. Zo wordt luchtvervuiling en CO2-uitstoot in de haven tegengegaan. De website moet voor havens, terminal operators en rederijen handvatten bieden om een standpunt in te nemen ten opzichte van deze techniek. De website gaat in op de milieuvoordelen, commerciële toepassingen, kosten, en een implementatieplan waarin een stapsgewijze aanpak wordt gepresenteerd. De eerste ontwerpen van de website zijn gereed, de verwachting is dat de website in februari operationeel is. Meer informatie? Eelco den Boer, 015 – 2150 150.

CE Delft zoekt personeel
CE Delft zoekt personeel, bijvoorbeeld een themaleider Biogrondstoffen en twee economen. Kijk voor meer vacatures op onze website.


English