De prijs van een reis.

De maatschappelijke kosten van het verkeer

Deze studie geeft inzicht in zowel de hoogte als de structuur van de externe kosten van personen- en goederenvervoer in Nederland en de heffingen die daar tegenover staan. Daarmee kan het een belangrijke bijdrage leveren aan de afweging en het ontwerp van prijsbeleid. Het rapport is een update van onze studie ‘Efficiënte prijzen voor het verkeer’ uit 1999 en is tot stand gekomen in nauwe samenwerking met de Vrije Universiteit. De studie is uitgevoerd voor het Ministerie van Verkeer en Waterstaat in het kader van de Nota Mobiliteit. Het onderzoek heeft als zichtjaar 2002 en beslaat het personen- en goederenvervoer over de weg, het spoor en de binnenwateren. Het rapport geeft inzicht in de omvang van de kosten en heffingen en de toerekening daarvan aan de verschillende gebruikers. Het gaat daarbij om aanleg, onderhoud en beheer van infrastructuur, direct en indirect ruimtebeslag van infrastructuur (incl. parkeren), verkeersonveiligheid, klimaatverandering (CO2), luchtverontreiniging (NOX, PM10, HC en SO2) en congestie. Voor elk van deze posten hebben we zowel de gebruiksafhankelijke kosten bepaald die direct afhangen van de vervoersprestatie, alsook de totale maatschappelijke kosten. De gebruiksafhankelijke kosten zijn van belang wanneer prijsbeleid zou worden ingezet om de maatschappelijke welvaart te maximaliseren; voor dit doel zou een heffing ter hoogte van de gebruiksafhankelijke externe kosten op zijn plaats zijn. Omdat deze kosten erg afhankelijk zijn van de situatie hebben we gewerkt met best en worst cases. Het tweede geval houdt meer verband met een rechtvaardigheidsprincipe waarbij aan iedere gebruiker de totale maatschappelijke kosten wordt toegerekend. De hoofdconclusie van de studie is dat geen enkele auto-, trein, of scheepscategorie de aan haar toerekenbare totale maatschappelijke kosten volledig via heffingen betaalt. Ook voor de gebruiksafhankelijke kosten geldt dat geen enkele beschouwde auto-, trein- en scheepscategorie deze dekt met de bestaande gebruiksafhankelijke heffingen. Dit betekent dat de variabele kosten van deze vaar- en voertuigen zullen stijgen als de gebruiksafhankelijke externe kosten worden doorberekend. Een uitzondering hierop vormt de personenauto op benzine in de best case (geen congestie, buiten de bebouwde kom rijdend, auto voldoet aan modernste emissie-eisen).

Auteurs

Eelco den Boer
Huib van Essen

Delft, september 2004

Rapport (NL)
Executive summary


Tweets van @cedelft

Article - Evaluating the environmental impact of debit card payments https://t.co/IfnNwC3p0b
07-12-2017 16:23

Rapport Net voor de Toekomst - scenario's voor investeringskeuzes van netbeheerders in infrastructuren https://t.co/W4mUsLCuZ0
07-12-2017 16:04

Gezamenlijke visie om Omgevingswet, regionale energiestrategie en warmtetransitieplan lokaal gelijk te gebruiken… https://t.co/YwHhzl338d
06-12-2017 16:30

Position paper @CEDelft t.b.v. hoorzitting/rondetafelgesprek Kunststofketen en zwerfafval Tweede Kamer d.d. 30 nove… https://t.co/fLEooSyZL6
30-11-2017 12:32

CE Mailvision - New projects @cedelft, Promising CCU in EU, Tool for aviation charges, Grid for the Future, Biofuel… https://t.co/Mq2XtExZMT
30-11-2017 11:57