Nul-emissiezone stadslogistiek 2025

Het ministerie van I&W wil gemeenten, bij hun beleid richting nul-emissiezones (ZE-zone) voor stadslogistiek, helpen door ze ondersteuning te bieden waarmee zij snel stappen kunnen zetten en waarbij ze ondersteund worden bij vragen. Er wordt een community of practice gemaakt, met direct bruikbare documenten, en er verschijnt een  landelijke onderbouwing/handleiding voor de invoering van een ZE-zone. Daarnaast wordt een pool van experts opgezet ter ondersteuning van gemeenten. Experts kunnen gemeenten ondersteunen bij het opzetten van een strategie, het zetten van concrete stappen en tenslotte de implementatie van een ZE-zone. Mocht u als gemeente gebruik willen maken van ondersteuning, dan is dat mogelijk. Voor gezamenlijk voorstellen van gemeenten en experts is budget beschikbaar voor de uitvoering van projecten. Meer informatie is beschikbaar via deze presentatie. De opdracht wordt uitgevoerd door CE Delft, Bureau BUITEN, Greenberg Traurig en communicatiebureau Dietz. Meer informatie: Eelco den Boer.

 

Waterstof Rijkswaterstaat Zeeland

Rijkswaterstaat heeft duurzaamheidsdoelen geformuleerd voor haar wegen, dammen en sluizen, bedieningsgebouwen, kantoren, en dienstauto’s. CE Delft voert een korte verkenning uit naar de potenties van waterstof specifiek voor RWS in Zeeland. Dit zowel als gebruiker als door een bijdrage aan een ontwikkeling op het gebied van waterstof in een transitiefase te leveren. Hierbij kan eerst gebruik gemaakt worden van grijze waterstof die al in de regio beschikbaar is als grondstof voor de (petro)chemie. Daarna overweegt Rijkswaterstaat om ook waterstof uit elektriciteit van een nabijgelegen Borssele off-shore windpark in te gaan zetten. Meer informatie: Diederik Jaspers

Eerste webtool maatschappelijk verantwoord inkopen

Per 1 november zijn de landelijke criteria voor maatschappelijk verantwoord inkopen (MVI) beschikbaar via een gebruiksvriendelijke webtool mvicriteria.nl. Inkopers kunnen hierin eenvoudig de voor hen relevante criteria selecteren. De tool geeft criteria op drie ambitieniveaus, zodat inkopers en opdrachtgevers zo goed mogelijk en zo duurzaam mogelijk kunnen gaan inkopen. De tool is ontwikkeld door Royal HaskoningDHV, CE Delft en Swis in opdracht van Rijkswaterstaat, het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. De MVI-criteriatool bevat inkoopcriteria voor 45 productgroepen. Meer informatie: Lonneke de Graaff.

Circulaire kantoormeubels beoordeeld

De Rijksoverheid koopt haar kantoorinrichting ‘circulair’ in. Zij heeft in 2017 twee contracten afgesloten met als doel om de levensduur van bestaand meubilair zoveel mogelijk te verlengen en zo min mogelijk nieuw meubilair aan te schaffen. Als er toch nieuw meubilair wordt geleverd, dient dit zo circulair mogelijk te zijn gemaakt. Nu wil het Rijk gaan monitoren hoeveel CO2 er wordt bespaard en wat de circulariteitswinst is, met de inzet van circulair meubilair. Zij heeft CE Delft gevraagd om hiervoor samen met NIBE een methodiek te ontwikkelen. Meer informatie: Lonneke de Graaff

 

LED-verlichting Amsterdam

De gemeenteraad van Amsterdam heeft in 2017 een motie aangenomen om voor de openbare verlichting in de stad versneld over te gaan op LED. De invulling biedt kansen om naar thema’s als duurzaamheid, circulair, automatisering, dimregimes, uniformering van lichten, etc te kijken. Dat kan gevolgen hebben voor meerkosten, reductie van CO2, maar ook maatschappelijke baten voor alle Amsterdammers opleveren. De scenario’s zijn door Tauw en CE Delft doorgerekend op ‘total cost of ownership’ (TCO) en de CO2-voetafdruk. Daarnaast is een maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA) uitgevoerd. Op basis van de resultaten zal de gemeente Amsterdam een keuze maken voor een voorkeursscenario. Meer informatie: Martijn Blom

 

Duurzame mobiliteit Haarlem

De gemeente Haarlem wil in 2019/2020 een visie en aanpak voor duurzame mobiliteit creëren. Het gaat daarbij naast CO₂-reductie om leefkwaliteit, gezondheid, efficiënt ruimtegebruik én goede bereikbaarheid. CE Delft maakt hiervoor een verkenning, waarbij doelstelling en indicatoren, monitoring, concretisering van maatregelen en scenario-ontwikkeling centraal staan. Daarnaast adviseert CE Delft Haarlem, dit jaar al, aan een aanpak voor een transitie naar elektrisch vervoer, inclusief (laad)infrastructuur. Dat gebeurt in nauwe samenhang met de –ook door CE Delft uitgevoerde - Update energiestrategie Haarlem en Zandvoort. Meer informatie: Hans Voerknecht

 

Kennis over parkeren

Van veel ingrepen op het gebied van stedelijk parkeren is onvoldoende in beeld wat de effecten ervan zijn. Voor het ministerie van I&W brengt CE Delft in samenwerking met de Erasmus Universiteit en CROW in beeld wat de kennisbehoefte van gemeenten en projectontwikkelaars is, en waar de belangrijkste kennisleemtes zijn. Doel is om een kennisagenda met prioriteiten op te stellen, zodat de komende jaren onderzoeksgeld efficiënt besteed kan worden. En om ervoor te zorgen, dat het onderzoek dat gedaan wordt, ook goed gedaan wordt en bruikbaar is, stellen we een leidraad voor het (laten) doen van parkeeronderzoek op. Meer informatie: Hans Voerknecht.

Warmtetransitie Tilburg

De gemeente Tilburg heeft CE Delft gevraagd om mee te werken aan het opstellen van een visie voor de warmtetransitie. CE Delft bekijkt voor elke buurt welke duurzame warmtevoorziening het meest waarschijnlijk (kostenefficiënt is) in verschillende scenario’s. Hiermee wil Tilburg invulling geven aan de nationale opgave om per buurt een visie voor de warmtetransitie op te stellen. CE Delft ondersteunt Tilburg, en andere gemeenten, hierbij met de inzet van het CEGOIA-model. Met dit model wordt de kostenefficiëntste duurzame warmtevoorziening per buurt doorgerekend voor verschillende toekomstscenario’s. Meer informatie: Lonneke Wielders (Tilburg) of Benno Schepers (CEGOIA).

Instrumenten duurzame gassen

Het terugdringen van het gebruik van aardgas kan door energiebesparing, door substitutie door elektriciteit, en door inzet van duurzame gas. Duurzame gassen bestaan in verschillende hoedanigheden en in verschillende tijdframes: groengas, biogas, syngas en waterstofgas. Maar het alleen benoemen van de technische mogelijkheden van CO2-vrij gas betekent nog niet dat deze optie dan ook daadwerkelijk toegepast gaat worden, daarvoor zijn immers beleidsinstrumenten nodig gericht op de productie en/of het gebruik van dat gas. Groengas Nederland heeft CE Delft gevraagd de mogelijke beleidsinstrumenten voor de optie van duurzame gassen, verder uit te werken en beschikbaar te maken voor de discussies aan de klimaattafels. Meer informatie: Cor Leguijt