Mailvisie november 2019

  • Reductie emissies asfalt met behulp van kostencurve
  • Duurzame sportvelden
  • CO2-reductie Rijkswaterstaat
  • Strategie datacenters Metropoolregio Amsterdam
  • CO2-milieuprijzen gemeenten en provincies
  • CO2-emissies lagere overheden
  • Zero-emissie OV-bussen
  • Openingsbod warmtetransitie
  • Methodiek CO2-winst inkoop groene stroom
  • GFT hoogwaardig verwaarden

Reductie emissies asfalt met behulp van kostencurve

Rijkswaterstaat wil via de inkoopketen met toeleveranciers de CO2-emissie van asfalt verminderen. CE Delft maakt daarom in samenwerking met TNO een overzicht van potentiële maatregelen voor de verduurzaming van asfalt. Deze maatregelen worden met elkaar vergeleken in een kostencurve. In een kostencurve worden het jaarlijks reductiepotentieel (op het gehele areaal van RWS, inclusief vervangingsschema’s van asfaltlagen) en de kosten van de mogelijke maatregelen getoond in één figuur. Zo ontstaat een overzicht van de kosteneffectiviteit van maatregelen. Voor Rijkswaterstaat kijkt CE Delft samen met TNO naar een reductie in broeikasgasemissies (klimaatimpact uitgedrukt in CO2-eq.-emissies) en een reductie in MilieuKostenIndicator-score (milieu-impact uitgedrukt in MKI-reductie) en worden maatregelen vergeleken per ton jaarlijkse vermeden broeikasgasemissies en € milieu-impactreductie (MKI-score). Meer informatie: Sanne Nusselder

Duurzame sportvelden

De ministeries van VWS en IenW werken aan verdere verduurzaming van sportaccommodaties. Aan CE Delft is gevraagd advies uit te brengen over de eisen die VWS kan stellen aan gemeenten en sportverenigingen om de toepassing van circulaire en milieuvriendelijke sportvelden te stimuleren. De vraag is nu: Wat is duurzaam (milieuvriendelijk en circulair) en wat zijn de mogelijkheden nu en in de komende jaren en hoe kan het Rijk de markt stimuleren richting ‘duurzame sportvelden’? Meer informatie: Lonneke de Graaff

CO2-reductie Rijkswaterstaat

Rijkswaterstaat stelt zich ten doel om in 2030 circulair te werken en energieneutraal te zijn. Daartoe zijn zij onder andere bezig met een strategie ‘naar klimaatneutrale en circulaire infrastructuurprojecten’. Daarnaast willen ze ook graag meer inzicht in de impact van de interne bedrijfsvoering en informatievoorziening. Bij dit laatste helpt CE Delft hen. Meer informatie: Lonneke de Graaff

 

Strategie datacenters Metropoolregio Amsterdam

Voor de Metropoolregio Amsterdam (MRA) ontwikkelt CE Delft samen met Buck Consulting International een ruimtelijke strategie voor datacenters in de regio. Deze sector maakt een snelle groei door, wat knelpunten kan veroorzaken in het elektriciteitsnet. Daarom hebben de gemeenten Amsterdam en Haarlemmermeer een tijdelijke stop ingevoerd op de bouw van nieuwe datacenters. Deze studie onderzoekt de effecten van mogelijke ruimtelijke strategieën op de economie van de regio, het ruimtegebruik, het energienetwerk en eventuele benutting van restwarmte. Hiermee ondersteunen we de MRA in het geven van sturing aan de ontwikkeling van datacenters. Meer informatie: Katja Kruit

CO2-milieuprijzen gemeenten en provincies

De Rijksoverheid heeft budget vrijgemaakt voor gemeenten, provincies en waterschappen om ervaring op te doen met CO2-milieuprijzen in inkoop- en aanbestedingsprojecten. Onderzocht wordt of de CO2-impact van geoffreerde producten, diensten of werken direct kan worden meegewogen in de keuze voor de beste aanbieding, door de milieuprijzen fictief mee te rekenen in de prijs. Op dit moment worden CO2-milieuprijzen gebruikt in de GWW-sector (DuboCalc). CE Delft onderzoekt of deze systematiek kan worden uitgebouwd en verfijnd voor inkoop van bijv. LED-verlichting, doelgroepenvervoer, catering of kantoormeubilair. Meer informatie: Sander de Bruyn

CO2-emissies lagere overheden

Er zijn op nationaal niveau geen cijfers over de CO2-emissies van gemeenten, provincies en waterschappen. Het ministerie van IenW heeft aan CE Delft, in consortium met Witteveen+Bos gevraagd om een inschatting te maken van de CO2-emissies die samenhangen met bedrijfsvoering en inkoop van de lagere overheid. Meer informatie: Sander de Bruyn

Zero-emissie OV-bussen

Wat kost het om de OV-bus te elektrificeren en is dit maatschappelijk gezien de meest kostenefficiënte optie? In dit project hebben we voor nieuwe busconcessies berekend wat het ideale transitiepad is om naar zero-emissie busvervoer te gaan. Daar kwam uit dat elektrische bussen op korte termijn nog relatief duur zijn, en dat de maatschappelijke kosten van de inzet van biobrandstoffen (groengas) voorlopig nog gunstiger zijn. We hebben de resultaten van dit project gepresenteerd in een aantrekkelijk slidedocrapport en daarnaast een mooie rekentool ontworpen voor onze opdrachtgever PitPoint. Meer informatie: Maarten 't Hoen

Openingsbod warmtetransitie

CE Delft, Quintel Intelligence en Ecorys onderzoeken voor Stedin, met ondersteuning van Enduris en PBL, met drie modellen hetzelfde probleem: welke buurten kunnen het eerste van het aardgas af in het leveringsgebied van Stedin en Enduris. Door met drie verschillende brillen (CEGOIA, Energietransitiemodel, Vesta) te kijken en te analyseren waar de overlap zit, kan de onzekerheid in de uitkomsten verminderd worden. Met het Openingsbod wordt een Top-100 opgesteld van de ‘meest zekere buurten’. Aan de hand van deze Top-100 willen Stedin en Enduris het gesprek over de warmtetransitie met de gemeenten in hun leveringsgebied faciliteren. 

Onderdeel van het project is het afstemmen van de modelparameters en aannames aan de voorkant en de kaders (scenario’s) waarmee naar de toekomst wordt gekeken. Door hierbij gebruik te maken van de scenario’s uit Net voor de Toekomst van de netbeheerders, wordt gebruik gemaakt van ontwikkelingen die verder gaan dan alleen een aardgasvrije gebouwde omgeving, maar waarbij ook rekening wordt gehouden met de ontwikkelingen in andere sectoren. Meer informatie: Benno Schepers

GFT hoogwaardig verwaarden

Voor de gemeente Rotterdam kijkt CE Delft naar de mogelijkheden om groente-, fruit- en etensresten hoogwaardig te verwaarden. Nu worden deze afvalstromen vooral verwaard tot biogas en compost, maar dat is niet maximaal hoogwaardig volgens de Ladder van Moerman en levert financieel relatief weinig op. Maatschappelijk gezien is het dus gunstiger om een hoogwaardiger product te verkrijgen, met een hogere verkoopprijs. Te denken valt aan toepassing in diervoer; grondstoffen voor de industrie (biobased economy) of verwerken tot meststof door thermochemische recycling (met energie als bijproduct, groene brandstof). Meer informatie: Diederik Jaspers

Methodiek CO2-winst inkoop groene stroom

Hoe reken je ingekochte groene stroom op een uniforme manier toe bij projecten rondom CO2-beprijzing, zodat de incentive voor energiebesparing wel intact blijft? Bij de meeste lokale overheden wordt gesteld dat bij de inkoop van elektriciteit met GvO's, geen CO2-emissies worden toegekend aan het elektriciteitsverbruik. Het doel van het project is om de CO2-winst van inkoop van groene stroom op een uniforme manier in beeld te brengen. Er wordt o.a. onderzocht welke contractvormen er zijn en welke allocatiemethoden door lokale worden gebruikt. (Greenhouse Gas-protocol, CO2-prestatieladder van SKAO, Milieubarometer van Stimular, etc.). Het project wordt uitgevoerd in opdracht van Klimaatverbond Nederland. Meer informatie: Lonneke Wielders